Deze site maakt gebruik van JavaScript. Instructies om JavaScript in te schakelen, vindt u hier.

Rechter oordeelt: aandelenwaardering voor echtscheiding ongefundeerd

Fout bij bedrijfswaardering aandelen: verkeerde peildatum en onvolledige informatie

Bij de bedrijfswaardering van aandelen rondom een echtscheiding is grote zorgvuldigheid vereist. Dat blijkt uit een recente uitspraak over een waardeerder die een indicatieve bedrijfswaardering uitvoerde zonder overleg met de directie van de betrokken bv, en met een onjuiste peildatum.

Casus: indicatieve bedrijfswaardering na echtscheiding

Een dga koopt in april 2013 de aandelen van zijn ex-partner over voor € 310.000. Later blijkt de bv in datzelfde jaar € 1 miljoen winst te hebben gemaakt. De vrouw schakelt een waardeerder in voor een bedrijfswaardering van haar voormalige 40%-belang.

De waardeerder stelt op basis van de jaarcijfers een indicatieve waarde vast van ruim € 3 miljoen, uitgaande van een waarde per 31 december 2013. De vrouw gebruikt dit rapport in een civiele procedure én in een tuchtzaak tegen de voormalige huisaccountant van de bv.

Klacht en hoger beroep

De waardeerder gaat in beroep. Hij voert onder meer aan dat:

  • de gekozen peildatum in overleg met de opdrachtgever is vastgesteld;
  • hij vanwege de conflictsituatie geen toegang had tot de directie of aanvullende informatie;
  • het ging om een indicatieve bedrijfswaardering, niet bedoeld voor juridische procedures.

Oordeel van beroep

Het beroep is ongegrond. De belangrijkste overwegingen:

  • Onjuiste peildatum: De waardeerder had moeten aangeven wat het verschil zou zijn met een bedrijfswaardering op de transactiedatum (april 2013). Hij voorzag zelf dat zijn rapport mogelijk tot een juridisch conflict zou leiden, en moest daar in zijn aanpak rekening mee houden.
     
  • Onvoldoende informatie: Ook voor een indicatieve bedrijfswaardering moet een waardeerder zich baseren op een voldoende volledig beeld van de onderneming. Het standpunt van de directie was essentieel. Dat hij deze niet heeft geraadpleegd en niet overwoog de opdracht terug te geven, is een schending van het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid.

Conclusie:
Bij het waarderen van aandelen in conflictsituaties, zoals bij echtscheiding, is de keuze van de peildatum, de informatiebasis en de reikwijdte van zijn opdracht cruciaal. Ook een “indicatieve bedrijfswaardering” vereist een degelijk fundament, zeker als het rapport mogelijk in procedures wordt gebruikt.

Auteur:
Waarderen.nl
Uitgever:
Waarderen.nl