In de praktijk komt dit vaker voor dan je denkt.
Twee oprichters starten samen een bedrijf. In het begin worden de afspraken vastgelegd, nog geen vuiltje aan de lucht.
Jaren later ziet het bedrijf er heel anders uit.
De omzet is gegroeid, het team is uitgebreid en de positie in de markt is sterker geworden.
En dan besluit één van de aandeelhouders uit te stappen.
Tot dusver niets aan de hand. Totdat de afspraken erbij worden gepakt.
De bedrijfswaardering blijkt nog steeds gebaseerd op hoe het bedrijf er bij de start uitzag. Voorzichtig, met aannames die toen logisch waren. Diezelfde systematiek geldt nog steeds.
De uitkomst valt daardoor veel lager uit dan verwacht. De waarde van de aandelen blijkt slechts een fractie van het beeld dat jarenlang bestond.
Op dat moment kantelt het gesprek. Het gaat niet meer alleen over een uitkoop, maar over wat contractueel is vastgelegd en wat als redelijk voelt. Wat eerst eenvoudig leek, wordt ineens complex.
Dit soort situaties ontstaan zelden van de ene op de andere dag. Afspraken blijven liggen terwijl het bedrijf zich ontwikkelt.
En dat wordt meestal pas zichtbaar wanneer er iets verandert.
In dit soort situaties helpt het om het vertrekpunt opnieuw scherp te krijgen, voordat posities verharden.